Importeren van een Fiat 500 uit Italië
Het
importeren van een auto uit Italië is minder moeilijk dan veel mensen denken.
Economisch verkeer binnen de Europese Gemeenschap is vrij en grenscontroles zijn
er nog nauwelijks. Zelf heb ik drie keer een Fiat 500 rijdend opgehaald uit
Italië. Mijn ervaringen wil ik hier graag met jullie delen, maar besef mij dat
velen het weer anders hebben gedaan dan ik.
Allereerst moet je je afvragen waarom je zonodig een Fiat 500 wilt ophalen uit Italië. In Nederland zijn zat Vijfhondjes te vinden voor redelijke prijzen. Restauratieobjecten zijn hier zelfs vaak nog goedkoper dan in Italië, want ook daar begint het rugzakje uit te sterven. Een bijzonder model kan de drijfveer zijn om in Italië te shoppen. Verder is het natuurlijk een leuk avontuur en je hebt gelijk iets
meegemaakt met je auto, en dat schept een band.
De
auto’s die tijdens de vakantie meenam waren: een Giardiniera (bestelletje) een
Autobianchi Panoramica (ook een bestelletje) en een Jungla Torpedo Savio
(terrein-autootje op basis van een 500). In alle drie de gevallen heb ik de auto
contant betaald en heb bedongen dat het kenteken op naam bleef staan van de
bestaande eigenaar. Op die manier hoefde ik de in Italië erg dure
overschrijvingskosten niet te betalen. Wat we wel deden was een soort
verkoopactie op laten stellen bij een notaris (Notaio) Dit koste ongeveer 50
euro. Op dit formulier staat het (fictieve) verkoopbedrag en de namen van de
koper en verkoper. De verkoper weet meestal wel hoe dit werkt. Verder heb ik de
auto natuurlijk WA-verzekerd. Dit ging heel eenvoudig door te bellen met de
verzekeringsmaatschappij in Nederland. Ze verzekerden de auto gewoon op
chassisnummer in combinatie met het Italiaanse kenteken en faxten het bewijs
daarvan naar een door mij opgegeven faxnummer in Italië. Zodoende had ik voor de
politie en douane het bewijs dat de auto verzekerd was, maar ook mijn eigendom
was. Volgens de letter van de wet mag ook in Italië een buitenlander niet in een
auto met Italiaans kenteken rijden, maar daar doen ze gelukkig niet zo moeilijk
over.
In twee gevallen ben ik via Zwitserland teruggereden en een maal
via Frankrijk. Het schijnt dat de douane in Zwitserland en Oostenrijk nogal eens
lastig kunnen doen, maar in mijn geval hielden ze me niet aan mocht ik zo verder
rijden. Door Frankrijk rijden is iets verder maar je vermijdt daarmee wel alle
risico’s.
In Nederland aangekomen nam ik contact op met de Rijksdienst voor het Wegverkeer en
maakte een afspraak voor een keuring. Ik kreeg een oproep, waarna de auto’s een
soort APK keuring moesten ondergaan. Ik moest toen ook de Italiaanse papieren
tonen. Na goedkeuring moest ik nog een paar stempels halen bij de Douane en
binnen enkele weken kreeg ik mijn kenteken toegestuurd. Direct na de keuring heb
ik de Italiaanse papieren mét de platen aangetekend teruggestuurd met de dank
voor het in mij gestelde vertrouwen. Stuur je de papieren namelijk niet op, dan
moet de oude eigenaar nog wel aan z’n houderschapsverplichtingen blijven voldoen
en moet dus belasting en verzekering betalen. Het kost (net als in Nederland)
veel moeite om hier onderuit te komen. Met de ‘oude’ papieren kan hij aangeven
dat de auto is gesloopt en dat de auto niet meer aan het Italiaanse verkeer
deelneemt.
De kosten voor de
keuring en kenteken bedragen ongeveer 120 euro. Omdat de auto ouder is dan 100
maanden, hoef je ook geen belasting meer te betalen. Een paar blauwe
kentekenplaten kun je via de garage bestellen voor minder dan 50
euro.
Zoals je ziet, het valt
allemaal wel een beetje mee. Mijn advies: Je moet je er gewoon instorten.
Misschien is er wat tegenslag, maar het is een leuk avontuur en levert veel
gespreksstof op feestjes en clubevenementen op!
Kijk ook eens op www.vwe.nl
Johan van der Goot